DON VIONA - FIGHT FOR FREEDOM

7 april , 2007

GENT - Fatma Pehlivan lost het op.

Ingedeeld onder: College, Fatma Pehlivan, Gent, SP.a, Turken, Turkse — donviona @ 12:30 pm

,,Als schepen ben ik een belangrijk signaal”
Bijna 5.000 voorkeurstemmen haalde Fatma Pehlivan (SP.A) in oktober, ruim voldoende om van haar de eerste Turkse Gentse schepen ooit te maken.

Als schepen van Personeel maakt ze van diversiteit een erezaak: het stadspersoneel moet een spiegel worden van de Gentse samenleving.
U bent de eerste allochtone schepen van Gent. Heeft dat een grote symboolwaarde?
Fatma Pehlivan: Eerst en vooral: ik houd niet van die term allochtoon. Die blijft een gevoel geven van: je blijft een vreemde, je hoort er niet bij, je bent geen echte Gentenaar. Zelf zeg ik liever dat ik de eerste schepen ben van Turkse origine. Dat schetst beter wie ik ben.
Een belangrijk signaal is het immers wel, dat ik schepen ben kunnen worden. Niet alleen de mensen van Turkse afkomst, maar ook andere minderheidsgroepen én Gentenaars zelf hebben voor mij gestemd. Die kiezers hebben daar zeker een signaal mee gegeven, namelijk dat die andere groepen er wel degelijk bij horen. Dat is belangrijk, niet zozeer voor mij maar voor Gent.
In Antwerpen zijn er ook veel gemeenteraadsleden verkozen van Turkse of Marokkaanse origine, maar in het Antwerpse schepencollege is daar niks van te merken.
Antwerpen is Antwerpen, wij zijn Gentenaars. Misschien zijn er een aantal zaken die hier wel al kunnen, maar waar in Antwerpen de tijd nog niet rijp voor is. Gent investeert al jaren in dialoog. Tussen de verschillende gemeenschappen, maar ook algemeen tussen de Gentenaars. Dat rendeert hier dus blijkbaar.
U bent dan wel schepen geworden, maar kreeg u wel de bevoegdheden die u wilde? Had u niet liever bijvoorbeeld Sociale Zaken gekregen?
Nee,maar ik steek niet onder stoelen of banken dat ik wel graag schepen van Onderwijs was geworden. Ik kom uit het onderwijs en ken die sector dus door en door. Ik had daar ook al wel wat ideeën rond. Maar uiteindelijk werd het dus Personeelszaken en ik moet zeggen dat ik ook op dat vlak heel wat kan doen. Ik vergelijk dit een beetje met de bevoegdheden van Werk en Tewerkstelling in de federale en de Vlaamse regering. En als het om integratie gaat, zijn er twee zeer belangrijke speerpunten: onderwijs en tewerkstelling. Achteraf bekeken ben ik dus zeker niet ontevreden.
Als schepen van Personeelszaken bent u verantwoordelijk voor 4.800 mensen. Is dat eigenlijk te veel, of toch nog te weinig?Om dat te zeggen, is het nog wat vroeg. Daar zullen we binnen het schepencollege over moeten spreken. Maar het aantal is ook niet het belangrijkste. Ik wil me focussen op de kwaliteit. Het stadspersoneel wordt betaald met belastinggeld van de Gentenaars, en dus moet het die Gentenaars in ruil ook kwaliteit bieden. Ik wil dus zeker zorgen voor vorming en opleiding die die kwaliteit nog doen toenemen - zelfs al heeft de stad daar al belangrijke stappen in gedaan. En we staan ook voor belangrijke uitdagingen. De komende tien jaar zal bijna 40 procent van het stadspersoneel met pensioen gaan.
Dat lijkt een groot probleem?
Volgens mij is het evenzeer een opportuniteit. Maar het klopt natuurlijk dat we daar nu al gepast op in moeten spelen, of we zullen binnen tien jaar met een gigantisch probleem zitten. Of dat dan niet een probleem is voor mijn opvolger? Neen, we moeten nu al ingrijpen. Overigens: de piek in die uitstroom bij het stadspersoneel valt in 2011, en dus nog binnen deze bestuursperiode.Maar goed, het biedt ook mogelijkheden. Intern, voor het personeel, om door te groeien. Maar we staan ook voor de uitdaging om voor het stadspersoneel een diversiteitsbeleid uit te werken. Het bestuursakkoord heeft gelijke kansen en diversiteit naar voren geschoven als belangrijke principes voor het personeelsbeleid. Bij het luik diversiteit gaat het er dan om dat het stadspersoneel een afspiegeling moet zijn van de maatschappij. Doelgroepen als jongeren, laaggeschoolden, kansarmen, gehandicapten, mensen van een andere origine,… moeten erin vertegenwoordigd zijn. Daar moet je dan ook een beleid voor uitwerken.
Qua vertegenwoordiging van vrouwen zit de stad Gent wel goed?
Ja, en ook aan de top. Dat is dus al een probleem minder…Voor jongeren komt er bovendien plaats, met al die vertrekkers?Jongeren hebben nu het probleem om een eerste keer werk te vinden: overal wordt, naast een diploma, een paar jaar ervaring gevraagd. Ook bij de stad. Wij denken er nu aan die voorwaarde te laten wegvallen - als dat kan. Als overheid zijn we, in de strijd om mensen aan te trekken, gebonden aan allerlei reglementen en barema’s. Dus trekken veel jongeren naar de privésector. Door het criterium ervaring weg te laten vallen, hopen we toch aantrekkelijk te zijn voor jonge mensen en hen te overhalen om bij ons te solliciteren. Bovendien hebben we nu nog even het voordeel van al die ervaren mensen die we nog hebben. Die kunnen de jongeren coachen. Zo hopen we onze leeftijdspiramide meer in evenwicht te krijgen.
Daarmee kan u misschien beter de concurrentie aan om hoogopgeleiden binnen te halen, maar er moeten ook banen komen voor laaggeschoolden.Ik praat daarover met schepen van Werk Mathias De Clercq (Open VLD). Want we vergeten soms dat de stad Gent ook een van de belangrijkste werkgevers is. We praten uiteraard met Volvo over dit soort zaken, maar we moeten ook naar onszelf kijken. Ook wij moeten laaggeschoolden opnemen bij ons personeel - dat besef is er nu misschien nog iets te weinig.En mensen met een handicap?Als overheid hebben wij de verantwoordelijkheid om hen kansen te geven. Dat is niet altijd evident, besef ik. Daarvoor moeten bijvoorbeeld onze gebouwen aangepast zijn of worden, maar daar wil ik met mijn collega-schepenen over spreken. Anderzijds hebben wij als overheid al te vaak nog een nadeel tegenover de privésector: die kan een beroep doen op toelages, als ze mensen met een handicap tewerkstellen. Wij kunnen dat niet. Daar wil ik met de Vlaamse en federale overheden over praten.Tenslotte zijn er de etnische minderheden. Gezien uw afkomst, zal uw beleid op dat vlak met argusogen worden gevolgd.De stad Gent heeft al een goed beleid gevoerd om mensen met een andere etnische achtergrond aan te werven. Toegegeven, de cijfers zijn nog altijd laag. Maar ze zijn wel hoger dan in andere steden. We willen dat beleid ook nog opvoeren. Zo proberen we het Diversiteitslabel te halen. Daarvoor moeten we een diversiteitsplan opstellen met maatregelen om diversiteit te verwezenlijken binnen ons personeelsbestand. We willen dus streefcijfers stellen en die dan proberen te halen. Ik weet dat veel mensen zitten te kijken van: gaat die Pehlivan nu allemaal Turken en Marokkanen in dienst nemen? Ik kijk echter in de eerste plaats naar kwaliteit. Alleen: ik wil ook wel die streefcijfers halen en dus een afspiegeling van de Gentse maatschappij.
Hoe wilt u dat doen? Met positieve discriminatie?
Neen, dat is niet de bedoeling. Wel willen we positieve acties. We willen mensen uit de verschillende doelgroepen aanzetten om zich kandidaat te stellen voor een baan bij de stad Gent. Daarover wil ik ook samenzitten met mijn collega van Onderwijs. Zij zouden diezelfde streefcijfers moeten hanteren als wij. Ook de scholen moeten ernaar streven om kinderen van andere origines beter te spreiden over de verschillende richtingen en onderwijsniveaus. Want je kan in je rekrutering wel een aantal drempels wegwerken, maar als er dan geen mensen zijn met de juiste diploma’s om de functies in te vullen, sta je natuurlijk nog niet veel verder. En we willen dus echt wel een sprong maken. Nu is 3,2 procent van het stadspersoneel van een andere origine, terwijl 8 tot 9 procent van de Gentenaars van een andere etnische afkomst zijn. We moeten dus toch minstens een verdubbeling kunnen halen tijdens deze bestuursperiode, en eigenlijk nog iets meer.
U bent ook bevoegd voor administratieve vereenvoudging. Wat houdt dat eigenlijk in?
Ik ga - in navolging van Vincent Van Quickenborne op federaal niveau - Kafka naar Gent brengen. Ook hier wil ik dit jaar nog een Kafka-meldpunt installeren. Gentenaars worden nog al te vaak geconfronteerd met misschien wel overbodige paperasserie. Eigenlijk zou er, bij iedere wenkbrauw die de burger fronst, bij de administratie een alarmlichtje moeten gaan flikkeren. Van: is dit wel nodig? Bovendien worden burgers nu nog altijd te veel van de ene naar de andere dienst gestuurd. Met de informatica-mogelijkheden die er nu zijn, moet het toch mogelijk zijn om de burgers - onze klanten - vanop één plaats te bedienen. Zo’n vereenvoudiging kan trouwens soms heel simpel zijn. Neem het voorbeeld van een straatcomité dat toelating wil om geveltuintjes aan te leggen. Nu moet iedereen dat apart doen. Dat zou toch ook moeten kunnen in één aanvraag. Dat is makkelijker voor de Gentenaars én ook voor de stadsdiensten.
Een voor u mogelijk netelige kwestie is die van de hoofddoek. Antwerpen heeft die verboden bij het stadspersoneel. Hoe zit het daarmee in Gent?
Zoals ik al zei: Antwerpen is Gent niet. Tot nog toe hebben wij op dat gebied nog geen enkel probleem gehad. Ik hoop dat dat zo kan blijven. Het is natuurlijk een moeilijke kwestie. Langs de ene kant zit je met het diversiteitsprincipe, langs de andere kant moet je als overheid ook neutraal blijven. Als er zich in Gent problemen voordoen rond deze kwestie, ben ik alvast van plan om de administratie daarbij te betrekken. Ik wil dat vraagstuk dan bespreken met de persoon zelf én met de groep. Door dialoog en overleg kunnen we hopelijk vermijden dat extreme groepen deze kwestie zouden aangrijpen om te polariseren.
Riskeert u bij zo’n eventuele polarisatie geen makkelijke schietschijf te worden?
Het gevaar dat sommige groeperingen of partijen in mij hun favoriet doelwit zullen zien, zit erin. Maar ik geloof dat ik intussen voldoende politieke ervaring en bagage heb om daar niet in te lopen.
Hoe bent u eigenlijk in de politiek terechtgekomen?
Ik heb in 1999 voor het eerst op een verkiezingslijst gestaan, maar op dat ogenblik was ik wel al vele jaren militant - al van bij de jongsocialisten. Als ik door de partij op de lijst ben gezet, was dat niet omdat ik allochtoon was of vrouw, wel omdat ik al jarenlang actief was. Nu gaat dat soms anders en eigenlijk vind ik dat wel wat spijtig. Maar zelf ben ik een socialiste in hart en nieren. Al van bij de anti-rakettenbetogingen in de jaren ‘80 liep ik mee. Toen was ik, met mijn Turkse origine, trouwens nog een rariteit in de partij.
Tot nog toe was u senator, nu bent u schepen. Hoe groot is dat verschil?
Het is bijna niet te vergelijken. Als senator heb je enorm veel contacten. Ik was daar zelfs op internationaal niveau actief, via de Raad van Europa. Dan ga je wel anders aankijken tegen sommige problemen. Maar dat neem ik uiteraard mee, nu ik schepen ben ik Gent. De wereldproblemen die ik als senator besprak, bijvoorbeeld over migratiebeleid, kom ik als schepen in Gent in de praktijk tegen. Misschien kan ik er, door mijn vorige carrière in de senaat, ook een ander licht op werpen.
Als schepen ben je in ieder geval een stuk concreter bezig, op het terrein.U zal ook deelnemen aan de komende kamerverkiezingen. U staat als lijstduwer op de SP.A-Spirit-lijst. Gewoon om die lijst te steunen?
Neen, ik ga echt campagne voeren, met de bedoeling verkozen te worden. De partij heeft me gevraagd voor die lijst, en het is dan moeilijk om neen te zeggen. Wat ik zal doen als ik verkozen ben? Dat laat ik dan aan de partij over. Ik weet dat het bij ons niet evident is om het schepenambt te cumuleren met een kamerzitje, maar goed, het zal aan de partij zijn om dan te kiezen. Ik ben een trouwe - zij het intern ook kritische - partijsoldaat. Al vind ik tegelijk wel dat de drie verkiezingen die we tijdens deze legislatuur zullen hebben - federale nu, Vlaamse in 2009 en opnieuw federale in 2011 - stilaan van het goede te veel worden. Al die verkiezingen, maken het moeilijk om je werk als politicus af te maken. Want je moet eerlijk zijn, zelfs als je niet op een lijst staat, ben je toch nog betrokken bij zo’n verkiezingscampagne. Is het niet als schepen, dan wel als partijlid.

Reactie: Dat lijkt op het eerste zicht allemaal neutraal en mooi…
Al snap ik niet goed wat mevrouw heeft tegen het woordje ” allochtoon”… van” vreemde of turkse origine “lijkt me nog meer de indruk tegeven dat je anders bent…dan de anderen.
En wat die postieve discriminatie betreft.. we zien wel wat het word als het zover komt.( persoonlijk heb ik twijfels, zeker als het over geloofszaken zal gaan)
En verkozen met 5.000 voorkeursstemmen , op deze wijze is het niet moeilijk..alle kiezers van Turkse afkomst hebben natuurlijk op haar gestemd…of wat had u gedacht ??? Dat die VB stemmen ???

Don Viona

GENT - Fatma Pehlivan lost het op.

Ingedeeld onder: College, Fatma Pehlivan, Gent, SP.a, Turken, Turkse — donviona @ 10:30 am

,,Als schepen ben ik een belangrijk signaal”
Bijna 5.000 voorkeurstemmen haalde Fatma Pehlivan (SP.A) in oktober, ruim voldoende om van haar de eerste Turkse Gentse schepen ooit te maken.

Als schepen van Personeel maakt ze van diversiteit een erezaak: het stadspersoneel moet een spiegel worden van de Gentse samenleving.
U bent de eerste allochtone schepen van Gent. Heeft dat een grote symboolwaarde?
Fatma Pehlivan: Eerst en vooral: ik houd niet van die term allochtoon. Die blijft een gevoel geven van: je blijft een vreemde, je hoort er niet bij, je bent geen echte Gentenaar. Zelf zeg ik liever dat ik de eerste schepen ben van Turkse origine. Dat schetst beter wie ik ben.
Een belangrijk signaal is het immers wel, dat ik schepen ben kunnen worden. Niet alleen de mensen van Turkse afkomst, maar ook andere minderheidsgroepen én Gentenaars zelf hebben voor mij gestemd. Die kiezers hebben daar zeker een signaal mee gegeven, namelijk dat die andere groepen er wel degelijk bij horen. Dat is belangrijk, niet zozeer voor mij maar voor Gent.
In Antwerpen zijn er ook veel gemeenteraadsleden verkozen van Turkse of Marokkaanse origine, maar in het Antwerpse schepencollege is daar niks van te merken.
Antwerpen is Antwerpen, wij zijn Gentenaars. Misschien zijn er een aantal zaken die hier wel al kunnen, maar waar in Antwerpen de tijd nog niet rijp voor is. Gent investeert al jaren in dialoog. Tussen de verschillende gemeenschappen, maar ook algemeen tussen de Gentenaars. Dat rendeert hier dus blijkbaar.
U bent dan wel schepen geworden, maar kreeg u wel de bevoegdheden die u wilde? Had u niet liever bijvoorbeeld Sociale Zaken gekregen?
Nee,maar ik steek niet onder stoelen of banken dat ik wel graag schepen van Onderwijs was geworden. Ik kom uit het onderwijs en ken die sector dus door en door. Ik had daar ook al wel wat ideeën rond. Maar uiteindelijk werd het dus Personeelszaken en ik moet zeggen dat ik ook op dat vlak heel wat kan doen. Ik vergelijk dit een beetje met de bevoegdheden van Werk en Tewerkstelling in de federale en de Vlaamse regering. En als het om integratie gaat, zijn er twee zeer belangrijke speerpunten: onderwijs en tewerkstelling. Achteraf bekeken ben ik dus zeker niet ontevreden.
Als schepen van Personeelszaken bent u verantwoordelijk voor 4.800 mensen. Is dat eigenlijk te veel, of toch nog te weinig?Om dat te zeggen, is het nog wat vroeg. Daar zullen we binnen het schepencollege over moeten spreken. Maar het aantal is ook niet het belangrijkste. Ik wil me focussen op de kwaliteit. Het stadspersoneel wordt betaald met belastinggeld van de Gentenaars, en dus moet het die Gentenaars in ruil ook kwaliteit bieden. Ik wil dus zeker zorgen voor vorming en opleiding die die kwaliteit nog doen toenemen - zelfs al heeft de stad daar al belangrijke stappen in gedaan. En we staan ook voor belangrijke uitdagingen. De komende tien jaar zal bijna 40 procent van het stadspersoneel met pensioen gaan.
Dat lijkt een groot probleem?
Volgens mij is het evenzeer een opportuniteit. Maar het klopt natuurlijk dat we daar nu al gepast op in moeten spelen, of we zullen binnen tien jaar met een gigantisch probleem zitten. Of dat dan niet een probleem is voor mijn opvolger? Neen, we moeten nu al ingrijpen. Overigens: de piek in die uitstroom bij het stadspersoneel valt in 2011, en dus nog binnen deze bestuursperiode.Maar goed, het biedt ook mogelijkheden. Intern, voor het personeel, om door te groeien. Maar we staan ook voor de uitdaging om voor het stadspersoneel een diversiteitsbeleid uit te werken. Het bestuursakkoord heeft gelijke kansen en diversiteit naar voren geschoven als belangrijke principes voor het personeelsbeleid. Bij het luik diversiteit gaat het er dan om dat het stadspersoneel een afspiegeling moet zijn van de maatschappij. Doelgroepen als jongeren, laaggeschoolden, kansarmen, gehandicapten, mensen van een andere origine,… moeten erin vertegenwoordigd zijn. Daar moet je dan ook een beleid voor uitwerken.
Qua vertegenwoordiging van vrouwen zit de stad Gent wel goed?
Ja, en ook aan de top. Dat is dus al een probleem minder…Voor jongeren komt er bovendien plaats, met al die vertrekkers?Jongeren hebben nu het probleem om een eerste keer werk te vinden: overal wordt, naast een diploma, een paar jaar ervaring gevraagd. Ook bij de stad. Wij denken er nu aan die voorwaarde te laten wegvallen - als dat kan. Als overheid zijn we, in de strijd om mensen aan te trekken, gebonden aan allerlei reglementen en barema’s. Dus trekken veel jongeren naar de privésector. Door het criterium ervaring weg te laten vallen, hopen we toch aantrekkelijk te zijn voor jonge mensen en hen te overhalen om bij ons te solliciteren. Bovendien hebben we nu nog even het voordeel van al die ervaren mensen die we nog hebben. Die kunnen de jongeren coachen. Zo hopen we onze leeftijdspiramide meer in evenwicht te krijgen.
Daarmee kan u misschien beter de concurrentie aan om hoogopgeleiden binnen te halen, maar er moeten ook banen komen voor laaggeschoolden.Ik praat daarover met schepen van Werk Mathias De Clercq (Open VLD). Want we vergeten soms dat de stad Gent ook een van de belangrijkste werkgevers is. We praten uiteraard met Volvo over dit soort zaken, maar we moeten ook naar onszelf kijken. Ook wij moeten laaggeschoolden opnemen bij ons personeel - dat besef is er nu misschien nog iets te weinig.En mensen met een handicap?Als overheid hebben wij de verantwoordelijkheid om hen kansen te geven. Dat is niet altijd evident, besef ik. Daarvoor moeten bijvoorbeeld onze gebouwen aangepast zijn of worden, maar daar wil ik met mijn collega-schepenen over spreken. Anderzijds hebben wij als overheid al te vaak nog een nadeel tegenover de privésector: die kan een beroep doen op toelages, als ze mensen met een handicap tewerkstellen. Wij kunnen dat niet. Daar wil ik met de Vlaamse en federale overheden over praten.Tenslotte zijn er de etnische minderheden. Gezien uw afkomst, zal uw beleid op dat vlak met argusogen worden gevolgd.De stad Gent heeft al een goed beleid gevoerd om mensen met een andere etnische achtergrond aan te werven. Toegegeven, de cijfers zijn nog altijd laag. Maar ze zijn wel hoger dan in andere steden. We willen dat beleid ook nog opvoeren. Zo proberen we het Diversiteitslabel te halen. Daarvoor moeten we een diversiteitsplan opstellen met maatregelen om diversiteit te verwezenlijken binnen ons personeelsbestand. We willen dus streefcijfers stellen en die dan proberen te halen. Ik weet dat veel mensen zitten te kijken van: gaat die Pehlivan nu allemaal Turken en Marokkanen in dienst nemen? Ik kijk echter in de eerste plaats naar kwaliteit. Alleen: ik wil ook wel die streefcijfers halen en dus een afspiegeling van de Gentse maatschappij.
Hoe wilt u dat doen? Met positieve discriminatie?
Neen, dat is niet de bedoeling. Wel willen we positieve acties. We willen mensen uit de verschillende doelgroepen aanzetten om zich kandidaat te stellen voor een baan bij de stad Gent. Daarover wil ik ook samenzitten met mijn collega van Onderwijs. Zij zouden diezelfde streefcijfers moeten hanteren als wij. Ook de scholen moeten ernaar streven om kinderen van andere origines beter te spreiden over de verschillende richtingen en onderwijsniveaus. Want je kan in je rekrutering wel een aantal drempels wegwerken, maar als er dan geen mensen zijn met de juiste diploma’s om de functies in te vullen, sta je natuurlijk nog niet veel verder. En we willen dus echt wel een sprong maken. Nu is 3,2 procent van het stadspersoneel van een andere origine, terwijl 8 tot 9 procent van de Gentenaars van een andere etnische afkomst zijn. We moeten dus toch minstens een verdubbeling kunnen halen tijdens deze bestuursperiode, en eigenlijk nog iets meer.
U bent ook bevoegd voor administratieve vereenvoudging. Wat houdt dat eigenlijk in?
Ik ga - in navolging van Vincent Van Quickenborne op federaal niveau - Kafka naar Gent brengen. Ook hier wil ik dit jaar nog een Kafka-meldpunt installeren. Gentenaars worden nog al te vaak geconfronteerd met misschien wel overbodige paperasserie. Eigenlijk zou er, bij iedere wenkbrauw die de burger fronst, bij de administratie een alarmlichtje moeten gaan flikkeren. Van: is dit wel nodig? Bovendien worden burgers nu nog altijd te veel van de ene naar de andere dienst gestuurd. Met de informatica-mogelijkheden die er nu zijn, moet het toch mogelijk zijn om de burgers - onze klanten - vanop één plaats te bedienen. Zo’n vereenvoudiging kan trouwens soms heel simpel zijn. Neem het voorbeeld van een straatcomité dat toelating wil om geveltuintjes aan te leggen. Nu moet iedereen dat apart doen. Dat zou toch ook moeten kunnen in één aanvraag. Dat is makkelijker voor de Gentenaars én ook voor de stadsdiensten.
Een voor u mogelijk netelige kwestie is die van de hoofddoek. Antwerpen heeft die verboden bij het stadspersoneel. Hoe zit het daarmee in Gent?
Zoals ik al zei: Antwerpen is Gent niet. Tot nog toe hebben wij op dat gebied nog geen enkel probleem gehad. Ik hoop dat dat zo kan blijven. Het is natuurlijk een moeilijke kwestie. Langs de ene kant zit je met het diversiteitsprincipe, langs de andere kant moet je als overheid ook neutraal blijven. Als er zich in Gent problemen voordoen rond deze kwestie, ben ik alvast van plan om de administratie daarbij te betrekken. Ik wil dat vraagstuk dan bespreken met de persoon zelf én met de groep. Door dialoog en overleg kunnen we hopelijk vermijden dat extreme groepen deze kwestie zouden aangrijpen om te polariseren.
Riskeert u bij zo’n eventuele polarisatie geen makkelijke schietschijf te worden?
Het gevaar dat sommige groeperingen of partijen in mij hun favoriet doelwit zullen zien, zit erin. Maar ik geloof dat ik intussen voldoende politieke ervaring en bagage heb om daar niet in te lopen.
Hoe bent u eigenlijk in de politiek terechtgekomen?
Ik heb in 1999 voor het eerst op een verkiezingslijst gestaan, maar op dat ogenblik was ik wel al vele jaren militant - al van bij de jongsocialisten. Als ik door de partij op de lijst ben gezet, was dat niet omdat ik allochtoon was of vrouw, wel omdat ik al jarenlang actief was. Nu gaat dat soms anders en eigenlijk vind ik dat wel wat spijtig. Maar zelf ben ik een socialiste in hart en nieren. Al van bij de anti-rakettenbetogingen in de jaren ‘80 liep ik mee. Toen was ik, met mijn Turkse origine, trouwens nog een rariteit in de partij.
Tot nog toe was u senator, nu bent u schepen. Hoe groot is dat verschil?
Het is bijna niet te vergelijken. Als senator heb je enorm veel contacten. Ik was daar zelfs op internationaal niveau actief, via de Raad van Europa. Dan ga je wel anders aankijken tegen sommige problemen. Maar dat neem ik uiteraard mee, nu ik schepen ben ik Gent. De wereldproblemen die ik als senator besprak, bijvoorbeeld over migratiebeleid, kom ik als schepen in Gent in de praktijk tegen. Misschien kan ik er, door mijn vorige carrière in de senaat, ook een ander licht op werpen.
Als schepen ben je in ieder geval een stuk concreter bezig, op het terrein.U zal ook deelnemen aan de komende kamerverkiezingen. U staat als lijstduwer op de SP.A-Spirit-lijst. Gewoon om die lijst te steunen?
Neen, ik ga echt campagne voeren, met de bedoeling verkozen te worden. De partij heeft me gevraagd voor die lijst, en het is dan moeilijk om neen te zeggen. Wat ik zal doen als ik verkozen ben? Dat laat ik dan aan de partij over. Ik weet dat het bij ons niet evident is om het schepenambt te cumuleren met een kamerzitje, maar goed, het zal aan de partij zijn om dan te kiezen. Ik ben een trouwe - zij het intern ook kritische - partijsoldaat. Al vind ik tegelijk wel dat de drie verkiezingen die we tijdens deze legislatuur zullen hebben - federale nu, Vlaamse in 2009 en opnieuw federale in 2011 - stilaan van het goede te veel worden. Al die verkiezingen, maken het moeilijk om je werk als politicus af te maken. Want je moet eerlijk zijn, zelfs als je niet op een lijst staat, ben je toch nog betrokken bij zo’n verkiezingscampagne. Is het niet als schepen, dan wel als partijlid.

Reactie: Dat lijkt op het eerste zicht allemaal neutraal en mooi…
Al snap ik niet goed wat mevrouw heeft tegen het woordje ” allochtoon”… van” vreemde of turkse origine “lijkt me nog meer de indruk tegeven dat je anders bent…dan de anderen.
En wat die postieve discriminatie betreft.. we zien wel wat het word als het zover komt.( persoonlijk heb ik twijfels, zeker als het over geloofszaken zal gaan)
En verkozen met 5.000 voorkeursstemmen , op deze wijze is het niet moeilijk..alle kiezers van Turkse afkomst hebben natuurlijk op haar gestemd…of wat had u gedacht ??? Dat die VB stemmen ???

Don Viona

Blog op Wordpress.com.